Kennisbank

Bakuchiol: de plantaardige 'retinol' die de huidverzorging verandert

Bijgewerkt: 11 september 2026 · 5 min leestijd

Stel je een stof voor die uit een plantenzaadje komt, al eeuwen in de traditionele Aziatische geneeskunde wordt gebruikt, en die de laatste jaren opduikt in bijna elke nieuwe serum-lijn van cosmeticamerken. Dat is bakuchiol (uitgesproken als 'ba-koe-tsjol'), een stofje dat wordt verkocht als het 'natuurlijke alternatief voor retinol'. Retinol is een bekende, effectieve maar ook prikkelende stof tegen huidveroudering; bakuchiol belooft vergelijkbare resultaten zonder de rode, schilferige huid die retinol vaak veroorzaakt.

Vergelijk het met de opkomst van plantaardig vlees: net zoals bedrijven zoeken naar een product dat qua smaak en textuur op vlees lijkt maar uit planten komt, zoeken cosmeticabedrijven naar stoffen die werken als retinol maar uit de natuur komen en minder bijwerkingen geven. Bakuchiol is daarvan het bekendste voorbeeld, en het is een mooie casus om te zien hoe traditionele plantenkennis, moderne chemie en de marketing van 'clean beauty' elkaar raken.

Wat is het precies?

Bakuchiol is een natuurlijke stof die vooral wordt gewonnen uit de zaden en bladeren van de plant Psoralea corylifolia, ook wel babchi genoemd. Deze plant wordt al eeuwen gebruikt in de traditionele Chinese geneeskunde en de Ayurveda, de traditionele geneeskunde uit India, onder meer bij huidaandoeningen.

Chemisch gezien heeft bakuchiol niets te maken met retinol. Retinol behoort tot de groep van retinoïden, stoffen die zijn afgeleid van vitamine A. Bakuchiol is een zogeheten meroterpeen-fenol, een heel andere molecuulfamilie. Toch blijkt uit onderzoek dat bakuchiol in de huid soortgelijke processen in gang zet als retinol: het lijkt bepaalde genen aan te zetten die ook door retinoïden worden geactiveerd, wat de aanmaak van collageen stimuleert en de huidvernieuwing versnelt.

Hoe dat precies werkt, is nog niet volledig uitgezocht. Onderzoekers vermoeden dat bakuchiol inwerkt op dezelfde receptoren in de huidcellen als retinoïden, de zogeheten retinoïnezuurreceptoren, zonder zelf een retinoïde te zijn. Daarnaast heeft de stof antioxidantwerking: ze vangt schadelijke vrije radicalen op die huidcellen beschadigen door bijvoorbeeld zonlicht of vervuiling. Die combinatie van effecten zou verklaren waarom de huid er na gebruik gladder en egaler uit kan zien.

Voor gebruik in cosmetica wordt de stof uit de plant geëxtraheerd of chemisch gesynthetiseerd, en vervolgens in lage concentraties (meestal rond de 0,5 tot 1 procent) verwerkt in serums, crèmes en oliën.

Wat wil men ermee bereiken?

Het doel is simpel: de huidverbeterende effecten van retinol behouden, maar de nadelen ervan wegnemen. Retinol staat te boek als een van de meest onderzochte en effectieve stoffen tegen fijne lijntjes, oneffenheden en pigmentvlekjes. Het grote nadeel is dat het de huid kan uitdrogen, doen schilferen en gevoeliger maken voor zonlicht. Veel mensen met een gevoelige huid kunnen retinol daarom niet goed verdragen, en het gebruik ervan wordt afgeraden tijdens zwangerschap en borstvoeding omdat hoge doses vitamine A-derivaten schadelijk kunnen zijn voor een ongeboren kind.

Bakuchiol wordt gepresenteerd als oplossing voor precies die groepen: mensen met een gevoelige huid, zwangere vrouwen en mensen die liever plantaardige, 'schone' ingrediënten gebruiken. Daarnaast speelt de bredere trend van natuurlijke en duurzame cosmetica een rol: consumenten vragen steeds vaker om ingrediënten die uit planten komen in plaats van volledig synthetisch zijn, en bakuchiol past in dat plaatje.

Er is ook een zakelijk motief. Voor merken die zich willen onderscheiden met 'natuurlijke' of 'veganistische' producten is een wetenschappelijk onderbouwd alternatief voor een bekend werkzaam bestanddeel als retinol commercieel aantrekkelijk. Dat verklaart mede waarom de stof sinds ongeveer 2018 in een stroomversnelling van productlanceringen terechtkwam.

Voorbeelden uit de praktijk

Een aantal concrete voorbeelden laat zien hoe bakuchiol de afgelopen jaren zijn weg vond van laboratorium naar badkamerkastje.

  • 2014, eerste wetenschappelijke publicatie: onderzoekers Ratan K. Chaudhuri en Kathleen Bojanowski publiceerden in het International Journal of Cosmetic Science de eerste studie die liet zien dat bakuchiol op genniveau vergelijkbare effecten had als retinol en dat proefpersonen na gebruik minder rimpels en een egalere huidtint hadden.
  • 2018-2019, opkomst bij cosmeticamerken: merken als Biossance (onderdeel van het Amerikaanse biotechbedrijf Amyris) en Herbivore Botanicals brachten enkele van de eerste mainstream bakuchiol-serums op de markt, expliciet gepositioneerd als 'retinol-alternatief'.
  • 2019, vergelijkend klinisch onderzoek: een team onder leiding van dermatoloog Sunil Dhaliwal publiceerde in The British Journal of Dermatology een gerandomiseerde studie waarin bakuchiol (tweemaal daags) werd vergeleken met retinol (eenmaal daags) bij mensen met huidveroudering. Na twaalf weken waren de verbeteringen in rimpels en pigmentatie vergelijkbaar, maar de groep die bakuchiol gebruikte had significant minder last van schilfering en een branderig gevoel.
  • 2020-2021, brede marktdoorbraak: grote merken zoals The Ordinary namen bakuchiol op in combinatieproducten, en de stof werd een vast trefwoord in beautyredacties en op sociale media, mede aangejaagd door de zoektocht naar mildere alternatieven tijdens en na de coronapandemie, toen huidverzorging een populaire bezigheid werd.
  • Doorlopend, ingrediëntenontwikkeling: gespecialiseerde ingrediëntenleveranciers zoals het Amerikaanse Sytheon ontwikkelden gepatenteerde, gestandaardiseerde bakuchiol-extracten die aan cosmeticamerken wereldwijd worden verkocht, zodat de kwaliteit en concentratie beter gegarandeerd kunnen worden dan bij ruwe plantenextracten.

Hoe ver is de techniek?

Bakuchiol is geen toekomstmuziek meer: het zit al in honderden producten die gewoon in de winkel liggen. Toch is de wetenschappelijke onderbouwing dunner dan die van retinol, dat al sinds de jaren zeventig intensief wordt onderzocht en waarvan de werking en langetermijnveiligheid uitgebreid in kaart zijn gebracht.

Het aantal onafhankelijke, grootschalige klinische studies naar bakuchiol is nog beperkt. De belangrijkste studies, waaronder die uit 2014 en 2019, zijn relatief klein van opzet en de eerste studie werd mede gefinancierd door een bedrijf dat belang had bij een positieve uitkomst, wat niet ongebruikelijk is in de cosmetica-industrie maar wel om enige voorzichtigheid vraagt bij de interpretatie.

Ook is het werkingsmechanisme nog niet volledig opgehelderd: onderzoekers hebben aanwijzingen voor een link met retinoïnezuurreceptoren en antioxidantwerking, maar een sluitend moleculair bewijs, zoals dat er wel is voor retinol, ontbreekt nog. Verder verschilt de concentratie bakuchiol tussen producten sterk, en is er geen internationale norm die vastlegt welke dosering welk effect garandeert, in tegenstelling tot bij retinol waar dat beter is uitgekristalliseerd.

Daarnaast loopt er voorzichtig onderzoek naar andere mogelijke toepassingen van bakuchiol, zoals ontstekingsremmende en antibacteriële eigenschappen, en zelfs preliminair laboratoriumonderzoek naar effecten op kankercellen. Dat onderzoek staat nog in een heel vroeg stadium en zegt vooralsnog niets over toepassingen bij mensen.

Wie werken eraan?

De ontwikkeling van bakuchiol als cosmetisch ingrediënt is vooral een samenspel van academische dermatologen, gespecialiseerde ingrediëntenbedrijven en cosmeticamerken, met een sterke concentratie in de Verenigde Staten.

Sytheon, een Amerikaans bedrijf gespecialiseerd in actieve cosmetische ingrediënten, speelde een sleutelrol bij het patenteren en op de markt brengen van gestandaardiseerde bakuchiol-extracten. Amyris, een Amerikaans biotechnologiebedrijf dat bekendstaat om het via fermentatie produceren van plantaardige moleculen, bracht via zijn consumentenmerk Biossance een van de eerste populaire bakuchiol-serums uit. Daarnaast hebben tientallen andere merken, van luxueuze labels tot budgetmerken zoals The Ordinary, eigen bakuchiol-producten ontwikkeld.

Op onderzoeksvlak zijn het vooral dermatologen en cosmetisch chemici verbonden aan Amerikaanse en Britse universiteiten en ziekenhuizen die publiceren in vaktijdschriften als het International Journal of Cosmetic Science en The British Journal of Dermatology. India, waar de bronplant van oudsher voorkomt en al lang in de Ayurvedische geneeskunde wordt gebruikt, speelt vooral een rol als leverancier van grondstoffen en als bron van traditionele kennis waarop het moderne onderzoek voortbouwt.

Verder lezen