Klimaat & energie › Groene waterstof & e-fuels
Europa sluit waterstofpompen voor auto's, bouwt netwerk om voor vrachtwagens
Europa sluit tientallen waterstoftankstations die ooit voor personenauto's zijn gebouwd, terwijl er tegelijk nieuwe stations verrijzen voor bussen en vrachtwagens. Het totale aantal locaties blijft vrijwel gelijk: het netwerk groeit niet, het verandert van vorm. Die verschuiving kost naar schatting miljarden euro's, terwijl batterij-elektrische vrachtwagens de markt inmiddels ruimschoots domineren.
Duitsland sloot vorig jaar 36 vroege waterstoftankstations. Tweeëntwintig daarvan waren kleine locaties die specifiek waren gebouwd voor personenauto's op 700 bar, de hoge druk waarmee waterstofauto's worden getankt. Nog eens veertien stations volgden later in het jaar. Netwerkbeheerder H2 Mobility noemt vooral praktische redenen: de markt voor waterstofauto's kwam nooit op de verwachte schaal, en veel van de oude stations konden niet economisch worden omgebouwd voor de grotere doorzet die bussen en vrachtwagens vragen.
Hetzelfde aantal stations, andere indeling
Terwijl kleine stations verdwijnen, opent Europa grotere locaties die zowel 350 bar (H35) als 700 bar (H70) aanbieden. Dat is deels normale modernisering. Maar de hogedrukcapaciteit die ooit is ontwikkeld voor personenauto's, verhuist zo mee naar de nieuwe generatie stations voor vrachtverkeer. Cijfers van het European Hydrogen Observatory, geanalyseerd door onderzoeksbureau TFIE Strategy, laten de verschuiving zien. In 2023 telde Europa 108 stations met uitsluitend H70, 50 met beide drukniveaus en 20 met alleen H35: in totaal 178 stations. In mei 2026 waren dat nog 32 pure H70-stations, 129 met beide drukniveaus en 18 met alleen H35, samen 179 stations. Het netwerk is dus niet gegroeid, maar van binnenuit herbouwd.
Batterij-elektrisch wint het ruimschoots
Een marktanalyse van de Europese Commissie laat zien hoe scheef de verhoudingen liggen. Eind 2024 reden er in de EU meer dan 15.000 batterij-elektrische vrachtwagens, tegenover slechts 170 vrachtwagens op waterstof. Alleen al in 2024 kwamen er ruim 7.500 nieuwe elektrische trucks bij, tegenover 106 waterstoftrucks. Dezelfde analyse telde ruim 250 publieke en private waterstofstations voor ongeveer 4.700 auto's, 320 bestelwagens, 140 vrachtwagens en 320 bussen, en concludeerde dat het bestaande netwerk al ruim voldoende capaciteit had voor het huidige wagenpark. Niet het aantal tankpunten is het probleem, maar het gebrek aan beschikbare voertuigen en de hoge prijs van waterstof.
Regelgeving houdt hoge druk in stand
Toch blijft de 700-bar-techniek overeind, mede door Europese regelgeving. Die schrijft voor dat er langs de belangrijkste Europese wegen uiterlijk eind 2030 om de 200 kilometer een publiek toegankelijk waterstofstation moet staan, met minstens 1 ton daglevering en minstens één 700-bar-punt. Ontwikkelaars die EU-subsidie willen, kiezen daardoor vaak voor stations met beide drukniveaus, ook buiten de verplichte trajecten. Zo ontving het Poolse energiebedrijf ORLEN voor vijf stations een EU-bijdrage van 12,8 miljoen euro op een totale investering van 25,6 miljoen euro; een volgende fase met zestien stations en een productiehub kost 124,6 miljoen euro, waarvan de EU 62,3 miljoen euro betaalt.
Volgens een schatting van TFIE Strategy kost het vervangen van het volledige Europese netwerk tussen 1 en 6 miljard euro, met 3 miljard euro als meest waarschijnlijk scenario voor zo'n 400 nieuwe of verbouwde stations. Alleen al het vasthouden aan 700-bar-capaciteit voegt daar naar schatting 200 tot 700 miljoen euro extra kosten aan toe, door de zwaardere compressie, koeling en opslag die deze druk vereist. Critici bepleiten dat toekomstige regels waterstofinfrastructuur pas laten volgen zodra er echt bestelde en geleverde brandstofcelvoertuigen rijden, in plaats van een netwerk vooruit te bouwen op een markt die nog moet ontstaan.
Achtergrond & begrippen
Wat betekent dit voor de toekomst? Europa's waterstoftankstations verschuiven van personenauto's naar bussen en vrachtwagens, maar de vraag blijft achter bij de gebouwde capaciteit. Zolang batterij-elektrische trucks fors goedkoper en talrijker zijn, blijft de vraag of dure hogedrukinfrastructuur zich terugbetaalt, of dat toekomstige EU-regels investeringen beter laten volgen op bewezen vraag in plaats van erop vooruit te lopen.
- 700 bar (H70)
- De hoogste tankdruk voor waterstofvoertuigen, oorspronkelijk ontwikkeld voor personenauto's omdat het meer waterstof in een compacte tank perst.
- 350 bar (H35)
- Een lagere tankdruk die vooral wordt gebruikt bij bussen en vrachtwagens, met eenvoudigere en goedkopere technologie dan 700 bar.
- Dual-pressure station
- Een tankstation dat zowel 350 bar als 700 bar aanbiedt, zodat het meerdere typen waterstofvoertuigen tegelijk kan bedienen.
- AFIR
- De Europese verordening voor infrastructuur voor alternatieve brandstoffen, die eisen stelt aan de spreiding en capaciteit van onder meer waterstofstations langs belangrijke wegen.
- TEN-T-kernwegennet
- Het Europese netwerk van hoofdwegen en -corridors waarlangs volgens EU-regels tank- en laadinfrastructuur verplicht is.
- Brandstofcelvoertuig
- Een voertuig dat waterstof via een brandstofcel omzet in elektriciteit om een elektromotor aan te drijven.
- Waterstoftankstation
- Een tankpunt waar voertuigen onder hoge druk waterstof kunnen bijtanken, vergelijkbaar met een benzinepomp maar met specialistische compressie- en koeltechniek.
Bronnen
Dit artikel is met behulp van AI geschreven op basis van bovenstaande bronnen en is geen letterlijke vertaling. Zo werkt onze redactie.